Kraambed-controles

Tijdens het kraambed komen wij de eerste week nog een aantal keren bij jullie langs om te kijken/evalueren of alles goed gaat. De kraamverzorgster speelt hierbij een belangrijke rol omdat zij alle controles bijhoudt en noteert in het kraamboek. Ook zullen we met haar overleggen wat te doen om voor jullie alles zo goed mogelijk te laten verlopen in het kraambed.

Eerste uren na de bevalling

Moeder:

Het is belangrijk om binnen 6 uur na de bevalling geplast te hebben. In het begin kan je geen of weinig aandrang voelen om te plassen, maar probeer het gewoon regelmatig. Een lege blaas kan onnodig bloedverlies voorkomen. Wanneer het niet lukt om binnen 8 uur te plassen, moet je ons even bellen. Ga kort na de bevalling niet alleen naar de toilet, omdat je niet lekker kan worden.
De eerste dagen kan het plassen een beetje branderig aanvoelen. Deze klachten kan je verminderen door tijdens het plassen te spoelen met een spoelbeker of met de douchekop.

Bloedverlies
Na de bevalling heb je bloedverlies. De eerste dagen kan het net zoveel zijn of iets meer als tijdens de menstruatie. Ook kan je stolsels verliezen, soms zo groot als een appel. Hier hoef je niet van te schrikken. Wanneer binnen een half uur je maandverband doordrenkt is met bloed, moet je ons bellen op ons mobiele nummer.

Naweeën
Je kan na de bevalling last hebben van naweeën. Ook wanneer je borstvoeding geeft kan je baarmoeder samentrekken. Dit duurt enkele dagen en zal daarna steeds minder worden. Je mag tegen de pijn paracetamol innemen, maximaal 6 keer 500 mg per 24 uur.

Baby:

Temperatuur
De eerste 24 uur kan de baby moeite hebben om de temperatuur goed te houden. De temperatuur moet tussen de 36,5 graden en de 37,5 graden zijn. Het is dus verstandig om de temperatuur de eerste dag een paar keer te meten.
Als de temperatuur te hoog is: haal de kruiken weg, doe het mutje af en haal eventueel het dekentje weg. Meet na een uur de temperatuur weer, is deze nog boven de 37,5 graden bel ons dan op ons mobiele nummer.
Als de temperatuur te laag is: controleer of de kruiken goed warm zijn, doe een mutsje op en leg een extra dekentje in de wieg. Een andere mogelijkheid is om je kindje uit te kleden en dan bij jezelf op je blote buik te leggen. De baby moet dan wel het mutsje ophouden. Dek jezelf en je kindje wel toe met een dekbed. Meet na een uur de temperatuur en als deze nog te laag is, bel ons dan op ons mobiele nummer.
Wanneer je het niet vertrouwt of advies wilt, mag je ons ook eerst bellen!

Drinken
Wanneer je borstvoeding geeft, mag je het de borst bieden wanneer je kindje smakgeluidjes begint te maken. Het is aan te raden om de eerste dagen na de bevalling het kindje vaak aan te leggen om zo de borstvoeding goed op gang te brengen. Laat in ieder geval nooit langer dan 6 uur tussen de voedingen zitten.
Wanneer je flesvoeding geeft, mag je om de 3 uur (ongeveer) een flesje met 10 cc aanbieden. En eventueel eerder als de baby smakgeluidjes maakt. De hoeveelheid voeding die je aanbiedt, wordt iedere dag meer en zal de kraamverzorgster aan je uitleggen. Op de verpakking van de flesvoeding staat hoe je de voeding klaar moet maken.
Meestal zijn de pasgeborene de eerste 24 uur misselijk en willen ze niet zo goed drinken. Hier hoef je niet ongerust over te zijn, dat is normaal. Als je het niet vertrouwt, mag je ons gewoon bellen.